Australia, here we come!

The Opera House gezien vanaf de Rocks

The Opera House gezien vanaf de Rocks

Ik weet niet of ze op me zitten te wachten in Australië, behalve Ankie en John dan.
De Australiërs zijn nogal paranoïde als het gaat om de risico’s die reizigers met zich meebrengen.
In het vliegtuig krijg je al formulieren waarop je in moet vullen of je in de laatste maand ergens in het bos of in de wei hebt gelopen, in de buurt van dieren bent geweest, ziek bent geworden, of of je goederen van organische oorsprong bij je hebt.
Geen appeltje of ander stuk fruit, geen granen of groenten, geen dierlijke materialen etc. zijn toegestaan. Je hoeft nog net niet je leren riem aan te geven (tenslotte wordt die ook van dierlijk materiaal gemaakt).

Tja, de schapendrollen van de wandeling bij Farewell Spit hangen vast nog aan mijn schoenen, ik heb net de laatste appels en peren in het vliegtuig doorgeslikt en mijn ogen zullen nog niet al te helder staan.

Als je je ook maar enigszins niet goed voelt moet je het al doorgeven aan het cabinepersoneel.
Mmm, en wat als je je wel ziek voelt? De afgelopen twee dagen heb ik rondgelopen met meer dan 39 graden koorts, ik heb nog steeds moordende keelpijn en als ik mijn hoofd naar beneden richt waarschuwt mijn hoofd me voor explosiegevaar.
Zelf denk ik gewoon aan een zomergriep met een fikse keelontsteking, maar daar zouden ze hier wel eens heel anders over kunnen denken. In ieder geval is er geen haar op mijn pijnlijke hoofd die er ook maar over peinst om op papier toe te geven dat ik me niet lekker voel. Heb geen zin om mijn Australiëdagen in quarantaine door te brengen omdat ze hier mogelijk kunnen denken dat ik geïnfecteerd ben door een mug met een of andere gevaarlijke tropische ziekte.
Gelukkig verbergt mijn spijkerbroek de meeste nog rode muggen en sandfliesteken…

Afijn, ik sleep me dus zichtbaar blij, als een lachende boer met kiespijn, door de ellenlange (Efteling-zigzag-) rij bij de douane. Niet te geloven dat op een luchthaven van een wereldstad als Sydney de dingen zo traag gaan.
In Sydney hebben ze de afgelopen dagen veel regen gehad, in een half uur viel er meer dan 30 mm regen. Als gevolg daarvan hebben alle vluchten vertraging. In Christchurch zouden we met een kwartier vertraging vertrekken. Er werd ons gezegd dat we die tijd misschien wel weer in zouden halen. Helaas niet. Arme John en Ankie hebben dus aardig wat geduld op moeten brengen. In plaats van dat we om 18.15 arriveerden, konden we hen pas om 20.00 uur in de armen sluiten.
Wat was ik blij om hen te zien. Mijn koorts was inmiddels wel wat gezakt en ook mijn spieren waren al minder pijnlijk, maar de fut was er nog steeds uit. Voelde me nog steeds aardig uitgeput en het zweet brak me nog steeds uit als ik een trap op moest of iets zwaars moest sjouwen. Gelukkig zeulde Remy met mijn koffer zodat ik alleen mezelf en de handbagage de trap op moest zien te krijgen.

DSC_0609

Optredende Aboriginal

DSC_0821

Aboriginal uit een andere groep

Wat heerlijk om eens opgehaald te worden van het vliegtuig. En zeker in een stad als Sydney.
Mijn god, wat een wirwar van straten, verkeer… de Parijse ring is er niets bij. Wat ben ik blij dat we niet zelf onze weg hoefden te vinden in deze wirwar van afslagen, tunnels en bruggen. Zou er met die aanduidingen niet zo snel uitgekomen zijn.
Genoeg daarover. Het regende pijpenstelen bij aankomst, maar het is machtig om deze stad met al zijn lichtjes en indrukwekkende wolkenkrabbers te zien.

De oude gebouwen in The Rocks met in de achtergrond Downtown Sydney

De oude gebouwen in The Rocks met in de achtergrond Downtown Sydney

Ik heb het meestal niet zo op grote steden, maar Sydney voelt heel vertrouwd met in iedere straat wel mooie oude panden en alle levendigheid van winkels en pubs die kennelijk ook ’s avonds geopend zijn.

Na een goede nachtrust verkenden we onze eerste dag de binnenstad. En ondanks het vooruitzicht van de Australische weerprofeten was het stralend mooi weer ( de voorspelling was 6 regenachtige, grijze dagen) en hebben we genoten van de zon, de optredens bij Circular Quai waar ook een paar enthousiaste Aboriginals ons uitnodigen om foto’s te nemen en natuurlijk van de prachtige botanische tuin.

Cockatoos in de Botanical Garden

Cockatoos in de Botanical Garden

Deze ligt prachtig golvend langs de baai zodat je mooie uitzichten hebt op de Sydney Harbor, de Cirqular Quai, de Harbor Bridge en de oude wijk de Rocks waar de eerste Engelsen zich vestigden.

 

 

Australian White Ibis ook we Sacred Ibis genoemd, in de Botanical Gardens.

Australian White Ibis ook we Sacred Ibis genoemd, in de Botanical Gardens.

We hebben daar ook idioot veel vogels gezien en gefotografeerd:  Sacred Ibis, Sulphur  Cockatoo, Maned Wood Ducks, Masked Lapwings, Kookaburra’s, Little Pied Cormorants, Magpie’s, White Faced Herons, Grey Currawongs en nog vele andere kleinere vogeltjes.
Kortom, we hebben hier de nodige tijd doorgebracht.

De dag erna zijn we samen met Ankie op de Culturele tour gegaan. Een uitgebreid bezoek aan de prachtige Art Gallery van New South Wales mocht natuurlijk niet op het programma ontbreken.
In deze stad zie je in iedere wijk wel prachtige oude koloniale gebouwen liggen. Zo ligt er aan de St. George Street het prachtige Queen Victoria gebouw dat nu een groot, mondain winkelcentrum herbergt in Victoriaanse sfeer. En zie je daar de City Hall die momenteel in de steigers staat. 

DSC_0229

Jacqueline op Patonga Beach

Maar na alle reisdrukte was het ook heerlijk relaxen in Patonga. Een klein oud vissersplaatsje in Hawkes Bay waar we mochten verblijven in het gezellige buitenhuis van Ankie.

Wat een heerlijk paradijsje met een achtertuin waarin je zo naar de rivier loopt die voert langs mangrovebossen vol vogels. We hebben daar een middag met de kano op gevaren en o.a. een paar lepelaars en een Brush Turkey gezien.

De andere kant uit liep je zo naar de prachtige baai die in zee uitmondt. Lekker langs het strand wandelen en staren naar de vele prachtige Australische pelikanen, Hooded Sterns en de verschillende soorten meeuwen.

DSC_0241

Pelikaan in Patonga

En natuurlijk mag een heerlijke vismaaltijd daar niet aan ontbreken. De eerste avond aten we er in het gezellige restaurant Ling. Een vis van ca. 2 kg.
Een andere dag hebben we er Blue Grenadier gegeten, een vis van gelijke grootte maar met een  wat stevigere bite. Allebei heerlijk. Ben gek op vis.
Nu moet ik nog ergens Barramundi zien te krijgen. Die schijnt ook heel lekker te zijn.

DSC_0356

De Three Sisters in de Blue Mountains

Onze laatste dag zijn we samen met Ankie op weg gegaan naar de Blue Mountains.
Dit uitgestrekte nationale park staat vol met Eucalyptusbossen. Er schijnen meer dan 135 verschillende soorten eucalyptus te zijn. Door de olie die in de lucht verdampt lijken de bossen blauw, vandaar de naam.
Het is regenachtig als we gaan, maar laat nu net, overal waar we uitstappen, de zon gaan schijnen. Zo hebben we een prachtig uitzicht tijdens de trail naar de Princes Rock waar we op de mooie Wentworth Falls uitkijken, bij de Honeymoon view, Sublime Point en natuurlijk de Three Sisters. Aanvankelijk waren er Seven Sisters, maar de tand des tijds heeft er een aantal afgebroken. De drie die over zijn staan echter te stralen in het zonnetje. Een prachtig gezicht.

DSC_0283

Jammie! Dat wordt smullen!!!

Wat een mooie afsluiter van onze Sydney tijd. Met dank aan Ankie die ons zo gastvrij onthaald heeft en zelfs de paashaas en eieren voor ons klaar had staan en die ons zo enthousiast veel mooie details heeft laten zien.

Dit bericht is geplaatst in Australië, Downunder, Sydney. Bookmark de permalink.

Eén reactie op Australia, here we come!

  1. Wim Wetzels schreef:

    Hoi Jacqueline,

    Mooi verslag weer 🙂

    Gr.

    Wim

Geef een reactie