Lang Mu Si

Milarepa Palace, een uniek 9 verdiepingen tellende Tibetaanse toren.

Milarepa Palace, een uniek 9 verdiepingen tellende Tibetaanse toren.

De rit van Xiahe naar Lang Mu Si is landschappelijk mooi. Komend van de frisse en wat dorre heuvels rond Xiahe op zo’n 2900 meter rijden we zuidwaarts naar wat groenere sappiger graslanden. Na een uur of twee komen we bij de grootste stad van het arrondissement Gãnnán in de provincie Gansu: Hézuò. Deze modern ogende, zich rap uitbreidende stad heeft twee belangrijke trekpleisters:

De negen verdiepingen tellende Milarepa Palace. Deze toren is bijna uniek in de Tibetaanse wereld. Er schijnt een heilige meteoriet in te liggen. Ook hier zien we Tibetanen met hun gebedskralen rondjes rondom de muur rond de toren lopen. Helaas hebben we geen tijd om hier naar binnen te gaan. Maar wel genoeg tijd natuurlijk voor wat foto’s.

Stupa's bij de ingang van het Tso Gompa klooster complex

Stupa’s bij de ingang van het Tso Gompa klooster complex

Een van de grote gebouwen van het Tso Gompa klooster complex

Een van de grote gebouwen van het Tso Gompa klooster complex

De tromroffelende monnik in het Tso Gompa klooster complex

De tromroffelende monnik in het Tso Gompa klooster complex

 

Niet ver er vandaan ligt het belangrijkste klooster van de stad: de Tso Gompa. De gouden daken van de diverse gebouwen blinken in de zon. Het klooster is nog maar zo’n 30 jaar oud, ligt prachtig tegen de berghelling vanwaar je uitzicht hebt op de stad. De toegangsweg is groots met aan weerszijden vier witte stupa’s met gouden toppen.
Terwijl we de diverse gebouwen bezoeken zien we yaks die gemoedelijk voor de tempelgebouwen staan te grazen. En als we de trappen willen bestijgen naar een hoger gelegen tempel komt er zelfs een yak over die trap naar beneden gedenderd. Doet me bijna aan India denken waar overal de heilige koeien op straat lopen. Uit een van de tempels komt een monotoom geluid. Eerst vermoed ik timmerwerkzaamheden. Maar bij de ingang blijkt dat binnen een monnik met een stok op de trommel zijn mantra’s met een snel en indringend geroffel begeleid.
Een indrukwekkend kloostercomplex. Weer heel anders dan het Labrang klooster in Xiahe.

 

 

 

 

Een van de uitzichten op onze wandeling

Een van de uitzichten op onze wandeling

De Chinese berg marmot, met staart toch zeker 80 cm lang

De Chinese berg marmot, met staart toch zeker 80 cm lang

Na een gezamenlijke Chinese lunch met diverse smakelijke gerechten, zo leren we de Chinese keuken goed kennen, stoppen we onderweg naar Lang Mu Si nog één maal voor een wandeling van zo’n anderhalf uur. De heuvels zijn hier wat groener en bieden doorkijkjes naar ver weg gelegen nog enigszins besneeuwde bergtoppen.
Eindelijk lukt het ons hier om een Chinese bergmarmot op de foto en film te krijgen. Jippie!

Yurt

Yurt

Lang Mu Si ligt op 3300 meter, is kleiner dan Xiahe en oogt ook heel wat traditioneler. Maar ook hier worden in rap tempo veel nieuwe gebouwen uit de grond gestampt.
Ben blij dat we hier nu zijn. Voor wie nog wil gaan, denk niet dat je lang moet wachten. Over vijf jaar herken je het hier waarschijnlijk niet meer terug en is de authentieke sfeer waarschijnlijk helemaal verdwenen.

Sky burial site nabij Langmusi

Sky burial site nabij Langmusi

Hier bezoeken we op een stralende maar frisse ochtend eerst de sky burial site die boven het klooster ligt. De Tibetanen begraven hun doden niet. De dode wordt in stukjes gehakt en vervolgens worden de stukken lichaam op deze site aan de gieren geofferd.
Klinkt nogal heftig. Was in India al geshockeerd door de wetenschap dat de oudste zoon tijdens de lijkverbranding de schedel van de dode in moest slaan om zijn geest te bevrijden…, maar dat je het lichaam in mootjes moet hakken omdat de gieren hun eetporties anders niet aan kunnen… Dit wordt overigens gedaan door of een monnik of door zogenaamde rogyapas ofwel bodybreakers. Een apart beroep dus. De botten die overblijven worden verpulverd en vermengd met tsampa (gerst bloem met thee en yakboter of melk). Dat wordt dan aan de kraaien en de haviken gegeven die hebben gewacht tot de aasgieren weg waren.
Een aparte traditie. Geloof dat ik daar maar niet verder over na moet denken!
Het is wel een praktische manier. De grond is te hard om het lichaam te begraven en hout voor verbranding is vaak schaars of te kostbaar. Op zich is het ook wel iets wat past bij het boeddhistisch geloof. En ten slotte vergaat op deze manier het lichaam ook tot stof en kan volgens het geloof de ziel van de overlevende makkelijk van het ene naar het volgende leven over gaan.

Tempels van Sertri Gompa

Tempels van Sertri Gompa

Het is vandaag, 6 mei, de geboortedag van Boeddha. Vorig jaar maakten we in Brisbane een festival van een aantal dagen mee ter ere van dit feest. Hier in China gaat men uit van de maankalender en is april (bij ons mei) de gebedsmaand waarin meerdere gebedsceremonies worden gehouden.

 

Monniken zijn bezig met het inschenken van thee tijdens de ceremonie

Monniken zijn bezig met het inschenken van thee tijdens de ceremonie

Biddende monniken

Biddende monniken

Gebedshal van de Sertri Gompa

Gebedshal van de Sertri Gompa

Monniken worden overgoten met water

Monniken worden overgoten met water

Als wij het kloostercomplex van Sertri bezoeken horen we typische geluiden uit een lager gelegen tempelcomplex komen. Hier hebben tientallen monniken zich verzameld op het plein voor de gebedshal. Er zijn diverse tafels opgesteld waar jonge monniken kommetjes volschenken. De ouderen zitten verderop met instrumenten op de grond en zingen en brommen hun mantra’s.

 

Een indrukwekkende belevenis. Terwijl zij daarmee doorgaan bezoeken wij de gebedshal. Achter in de hal, op een verhoogd plateau staan 6 grote Boeddha’s opgesteld. Drie ervan symboliseren het verleden, het heden en de toekomst. De hal is rijkelijk versierd met beschilderde wanden met Boeddha’s in verschillende houdingen, beschilderde houten zuilen, een druk bewerkt plafond en lampen gehuld in kleurrijke gedessineerde stoffen. Een sfeervol geheel.
Weer buiten blijkt de ceremonie zowat ten einde. Buiten de omheining worden grote schalen water over sommige monniken en mannen uitgegoten. Een soort reinigingsritueel?

 

De Sertri Gompa, gebouwd in 1748, was compleet verwoest door de culturele revolutie. Pas in 1981 werd het complex gereconstrueerd. Dat is ook hier goed te zien aan de blinkend gouden daken. Maar de gebedsmolens zien er toch wel ouder uit. Vermoed dat die wel bewaard zijn gebleven.

 

 

Na de lunch gaan we ’s middags weer aan de wandel. Lang Mu Si is een typisch dorp. Er loopt een kleine rivier, the White Dragon River, doorheen die het dorp in tweeën splitst. Aan de ene kant zit je nog in de provincie Gansu aan de andere kant sta je dus in de provincie Sichuan. Vanochtend zaten we dus in Gansu en vanmiddag gaan we naar Sichuan. Hier ligt een prachtige kloof waar je doorheen kunt wandelen.

Monniken steken de waxinelichtjes aan

Monniken steken de waxinelichtjes aan

Bij de ingang treffen we al een aantal muurschilderingen en grotten aan. Er zijn in deze kloof meerdere heilige grotten waarvan er één gewijd is aan de Tibetaanse godin Palden Lhamo. Een andere wordt ook wel de tijgergrot genoemd. In deze grot met wat grove druipstenen horen we stemmen. Blijkt dat hier een aantal jonge monniken honderden waxinelichtjes hebben opgesteld in een patroon en die steken ze dus allemaal aan. Enkele oudere monniken begeleiden de leerling monniken. Mooi om dit mee te mogen maken.

Het pad door de kloof steekt in het begin een aantal keren een stroompje water over met wat geïmproviseerde bruggetjes. Later gaat het over een keien pad langs steile, grillige wanden naar een open grasvlakte. De uitzichten zijn prachtig. Het wordt even spannend als we een paar woest blaffende en aan hun touw rukkende Tibetaanse waakhonden moeten passeren. Die schijnen echt heel agressief te zijn. Ze worden vooral ’s nachts losgelaten om ervoor te zorgen dat de wolven er niet vandoor gaan met een van de vele loslopende schapen of lammetjes.

De schapen worden bij elkaar gedreven...

De schapen worden bij elkaar gedreven…

Bij het kampement liggen bossen sprokkelhout. Het wordt hier ’s nachts goed koud (nog onder het vriespunt) en de Tibetaanse herders blijven hier boven bij de schapen overnachten.
Verder door zien we honderden schapen en geiten op de steile, grillige berghellingen. En een stuk verder komt er een kudde bij elkaar gedreven schapen op ons af. De Tibetaanse herderin gebaart dat we aan de kant moeten gaan. Ik vermoed dat ze de komende dagen toch ander weer verwachten en dat ze daarom de schapen van de hoger gelegen graslanden terug naar beneden brengt.

Uitzicht vanaf een klein plateau

Uitzicht vanaf een klein plateau

Wij lopen nog verder naar een plateau met prachtig uitzicht op de omringende bergen.
Een half uur later zien we haar daar nog een kudde schapen verzamelen. Wij lopen achter haar aan terug naar de open vlakte. Ondertussen pikt ze nog een bos sprokkelhout op.
Het is al laat en wij lopen weer naar de ingang van de kloof. We kunnen het niet laten om in de tijgergrot te kijken of alle lichtjes nog branden. Helaas zijn er al een fiks aantal opgebrand. Maar we zien er nog wel een monnik die hier mediteert terwijl hij een bos wierook opbrandt.

Het was weer een prachtige dag in een geweldig mooie omgeving. Had hier nog best een tijdje willen blijven. Maar morgen vertrekken we dus richting Songpan. Hoop dat we daar net zo’n fantastisch weer treffen.

De foto’s zien er in de tekst niet altijd scherp uit. Wanneer je ze aanklikt zie je ze in een apart venster en zijn ze wel scherp.

Veel kijkplezier!

Dit bericht is geplaatst in China, Gansu, Sichuan. Bookmark de permalink.